1

Hij zal noch wank’len, noch bezwijken,
Die op den HEER’ vertrouwt,
En op Zijn goedheid bouwt;
Hij zal, als Sions berg, nooit wijken,
Wiens grondslag door geen aards vermogen
Ooit wordt bewogen.

2

Gelijk ’t gebergt’, dat hoog gerezen,
Om Salem ligt gespreid,
Zo is, in eeuwigheid,
De HEER’ rondom hen, die Hem vrezen;
Rondom Zijn volk, ’t welk Hij wil hoeden
Voor tegenspoeden.

3

Want hoe de bozen zich doen schromen
Door wrede heerschappij,
Nog zal hun dwing’landij
Niet rusten op het lot der vromen,
Opdat zij nooit, van ’t recht geweken,
Zichzelven wreken.

4

Geef, HEER’, den goeden Uwen zegen;
Doe wel aan ’t vroom gemoed;
Maar hem, die onrecht doet,
En die zich neigt tot kromme wegen,
Zal God verdoen; doch Isrel leven
En vrede geven.

WDogMQpUOiBQc2FsbSAxMjUKTTogQwpMOiAxLzQKQzogZG9yaXNjaApTOiDCqSAyMDIxIC0gbGl0dXJnaWUubnUKUTogMTQwCiUlTUlESSBwcm9ncmFtIDEKQTIgQSBjIEIyIEEyIEcgRiBFMiBEMiB6MiB8Cnc6SGlqIHphbCBub2NoIHdhbmvigJktbGVuLCBub2NoIGJlLXp3aWota2VuLApGMiBGIEUgRjIgRzIgQTIgejIgfAp3OkRpZSBvcCBkZW4gSEVFUuKAmSB2ZXItdHJvdXd0LApBMiBjIGMgQjIgZDIgQTIgejIgfAp3OkVuIG9wIFppam4gZ29lZC1oZWlkIGJvdXd0OwpEMiBBMiBCMiBjIEIgQSBBIEcyIEYyIHoyIHwKdzpIaWogemFsLCBhbHMgU2ktb25zIGJlcmcsIG5vb2l0IHdpai1rZW4sCkEyIEEgQSBkMiBjMiBCIEEyIF5HIEEyIHoyIHwKdzpXaWVucyBncm9uZC1zbGFnIGRvb3IgZ2VlbiBhYXJkcyB2ZXItbW8tZ2VuCkYyIEcgRiBFMiBEMiB6MiB8XQp3Ok9vaXQgd29yZHQgYmUtd28tZ2VuLgo=

Onberijmde versie Psalm 125:1-5 (SV) Bijbelvertaling aanpassen

  1. Een lied Hammaaloth. Die op den HEERE vertrouwen, zijn als de berg Sion, die niet wankelt, maar blijft in eeuwigheid.
  2. Rondom Jeruzalem zijn bergen; alzo is de HEERE rondom Zijn volk, van nu aan tot in der eeuwigheid.
  3. Want de scepter der goddeloosheid zal niet rusten op het lot der rechtvaardigen; opdat de rechtvaardigen hun handen niet uitstrekken tot onrecht.
  4. HEERE! doe den goeden wel, en dengenen, die oprecht zijn in hun harten.
  5. Maar die zich neigen tot hun kromme wegen, die zal de HEERE weg doen gaan met de werkers der ongerechtigheid. Vrede zal over Israel zijn!

Samenvatting:

Eén van de 15 pelgrimsliederen: psalmen die werden gezongen tijdens de bedevaart naar Jeruzalem ter gelegenheid van de grote, jaarlijkse feesten, waarbij de pelgrims optrokken naar de heilige stad, die op een berg ligt. Deze psalm brengt Gods volk het vertrouwen bij dat Hij het werkelijk waard is om Hem trouw te blijven. Hiervoor gebruikt de psalm het beeld van Jeruzalem, die beschermd wordt door de bergen die rondom haar liggen.

Te zingen bij:

Instrumentpiano
Zangwijzeritmisch
Snelheid100
BijbelvertalingSV
Tekst16